Month: October 2012

Herfst in Dierdonk

Ik weet wel dat het overal herfst is, niet alleen in Dierdonk. En ik weet ook wel dat dezer dagen iedereen herfstfoto’s maakt.

Maar daar is toch ook helemaal niets mis mee?

Geen van de vier seizoenen is zo fotogeniek als de herfst. En nagenoeg heel onze tuin en zijtuin liggen vol met prachtig verkleurde herfstbladeren. Dan ontkom je er niet aan wat plaatjes te maken als je de hele dag met een als telefoon vermomde camera rondloopt.

Alleen dat opruimen, hè. Maar gelukkig hebben ze daar bladblazers voor uitgevonden.

Voordeel van avonddienst

Het voordeel van in de avonddienst werken is dat je overdag vrij bent als de rest van de wereld aan het werk is. En dat je dan allerlei leuke andere dingen kunt doen dan werken.

Zoals met een goed boek en een kan koffie op de bank zitten als het regent. Of een stevige boswandeling maken door de Bakelse Bossen als eind oktober de zon nog gewoon schijnt en het een graad of achttien is.

Swinglokaal

‘ns Even kijken: de Beatles, de Who, Led Zeppelin, Deep Purple. En natuurlijk wat glitterpop: Slade, Sweet, Gary Glitter en Suzi Quatro.

Zit allemaal in de tas voor straks, op de draaitafels van Lokaal 42. En omdat het Swinglokaal is vanavond stop ik er ook nog maar een paar dansplaatjes bij. Vanaf 22.00 uur bij Marc en Marion.

Dubbelleven van de champignon

Het zal wellicht weinig mensen zijn opgevallen, het stukje in de krant van vandaag over de champignon. Daarom wil ik op deze manier nog even het opmerkelijke dubbelleven van de deze paddenstoel onder de aandacht brengen.

Onderzoek heeft namelijk uitgewezen dat de ondergrondse genen van de champignon ander werk verrichten dan de bovengrondse. En de onderzoeker – een man die werkt bij het Centraal Bureau voor Schimmelcultures – betitelt dat als een ‘dubbelleven’.

‘t Is maar dat u het weet. Ik weet nu wel waarom ik geen champignons lus. Vanwege dat dubbelleven.

Boswandeling

Heel de wereld is aan het werk of zit op school.

En wij maken op woensdagmiddag een flinke boswandeling over de Stippelberg tussen Milheeze en Rips. Door de zon, over en langs de stuifduinen (stond op de bordjes onderweg tenminste) en omgeven door een diepe stilte. Het kan slechter.

(Dat ik vanavond tot een uur of een moet werken en daardoor nu al moet gaan koken, zal ik hier gemakshalve maar even niet bijzetten).

Dimafoon (oftewel: de plaat)

Plotseling, helemaal uit het niets, dook er gisteravond op het werk een apparaat op uit vervlogen tijden. Hij stond op het bureau van het redactiesecretariaat: een dimafoon.

Jaren geleden, voordat de hele krantenwereld werd geautomatiseerd, werden dergelijke apparaten gebruikt als journalisten of correspondenten niet in staat waren zelf hun verhaal op de redactie te komen tikken. Je kon je tekst dan telefonisch inspreken op zo’n dimafoon, waarna de dimafonist de tekst uitwerkte en naar die naar de eindredactie bracht. Vervolgens ging de tekst naar de zetterij.

Ook toen de eerste computers hun intrede deden, begin jaren tachtig, werd de dimafoon nog veel gebruikt. Het duurde immers nog even voordat de eerste laptops (van het merk Tandy) opdoken en op grote schaal beschikbaar waren.

De dimafoon werd door oudere collega’s altijd ‘de plaat’ genoemd. Nooit gesnapt waarom. Tot gisteren: de teksten die ik er 25 jaar geleden op insprak, werden op een plaat opgenomen. Vandaar.

Zoekplaatje

Via via is-ie een tijdje geleden tot ons gekomen, een heuse roeimachine. Van een ter zake deskundige vriend heb ik begrepen dat het nog steeds heel populaire fitness-apparaten zijn, omdat je op relatief eenvoudige manier veel spieren soepel kunt houden en ook nog eens aan je conditie kunt werken.

Omdat zowel het eerste als het tweede erg zinvol kan zijn als je een overwegend zittend bestaan leidt, ben ik tegenwoordig een paar keer per week op dat apparaat te vinden, en doe ik een paar kilometer lang net alsof ik bezig met de traditionele roeiwedstrijd Oxford-Cambridge.

Met frisse tegenzin, dat wel. En met de muziek op m’n IPod keihard aan, zodat ik er vooral maar niet bij na hoef te denken.

Reizen met Geert

Sinds ‘In Europa’ ben ik fan van Geert Mak: de manier waarop hij in zijn boek en later op tv de twintigste eeuw in beeld bracht, vond ik leerzaam, fascinerend en meeslepend.

Daarom was ik blij verrast toen ik zag dat hij zich aan een nieuwe grootschalige onderneming had gewaagd, aan de naoorlogse ontwikkeling van de Verenigde Staten. Dit keer aan de hand van een reis die de Amerikaanse schrijver John Steinbeck in 1960 dwars door zijn vaderland maakte.

Zondagmiddag ben ik aan het verslag van die reis begonnen, Reizen zonder John. En ik moet zeggen: de eerste hoofdstukken grijpen de lezer opnieuw meteen bij de strot.

Nagekomen bericht

Op Twitter en Facebook zie ik dat iedereen die gisteren door het bos, over de velden of op de hei liep foto’s heeft gemaakt van pas ontloken paddenstoelen.

Zo’n foto heb ik ook gemaakt gisteren, op de Grotelse Heide. Niet bijzonder, dacht ik in eerste instantie. Maar zo’n mooie rood-met-witte-stippen als deze, ben ik nog niet tegengekomen.

Vandaar dit nagekomen bericht.