Van a naar b en weer terug


Van Helmond naar Eindhoven-centrum. Van het centrum naar de rand van het centrum. Weer terug naar het centrum. Naar de andere kant van centrum. En nu weer terug naar Helmond. En over een paar maanden, na een tijdje in het buitenland, weer terug naar Eindhoven. Onze jongste heeft er plezier in, in verhuizen.

Als ik dat geweten had, dan had ik meteen een boedelbak gekocht in plaats van er telkens een te moeten huren.   

Advertisements

Bad Detective 

Een detective-schrijver die signaleert dat een dame haar haar weer eens moet verven omdat er sprake is van uitgroei in de haarpunten, dat mag met recht een bad detective genoemd worden. 
Die zin komt uit een van de boeken die zitten in een doos die ik op zolder tegenkwam. Een doos vol met dit soort bad detectives, vertalingen van Amerikaans spul uit de jaren zestig.

Ik was helemaal vergeten dat ik die een tijdje verzameld had, jaren geleden alweer, tot het moment dat ik de zin las waar ik dit stukje mee begon. Dat was aanleiding om ze allemaal met onmiddellijke ingang naar zolder te verbannen. En er nooit meer maar om te kijken.

Dat snijdt geen koek


In een grijs verleden stelden enkele ED-collega’s een bloemlezing samen met de mooiste uitspraken van voetbaltrainer Louis Coolen. Dat was ter gelegenheid van zijn afscheid als trainer van Helmomd Sport in 2001

Er is toen maar een handjevol exemplaren gedrukt van dit uiterst amusante werkje vol met minder of meer geslaagde one-liners en al dan niet verhaspelde beeldspraken. Zoals die in de titel: Dat snijdt geen koek

Ik prijs me gelukkig er een in mijn bezit te hebben. Al moet ik wel bij zeggen dat ik dat tegenkwam in een bijna vergeten rommeldoos op zolder.    

Punkrock Ethics

De skyline van Derry, met op de voorgrond de rivier de Foyle.
De skyline van Derry, met op de voorgrond de rivier de Foyle.

Het oordeel van muziekblad NME was heilig, de radioprogramma’s van John Peel waren leidend. Songs mochten niet langer dan drie minuten duren. Een gitaarsolo van langer dan vier maten was verboden. En elke vorm van opsmuk was uit den boze.

Zo herinner ik me mijn eigen muzikale uitgangspunten eind jaren zeventig, begin jaren tachtig, de periode dat ik me intensief met muziek bezig hield: er naar luisteren, erover schrijven en een half geslaagde poging zelf van een jaartje of wat muziek maken als drummer in een punkband met de naam Luxaflex. Toetsen, blazers, strijkers? Die stonden gelijk aan hoogverraad. Speciale kleren voor op het podium? Allemaal aanstellerij. Zo vanuit de zaal het podium op. Hup!

Dogmatisch? Hoe kom je er bij. Het zijn gewoon de ‘punkrock ethics’, zoals Michael Bradley van The Undertones het noemt. De afgelopen dagen heb ik zijn boek ‘My Life As An Undertone’ gelezen. Bradley was en is bassist van deze band uit het Noord-Ierse Derry. In die plaats kocht het boek ook, tijdens onze roadtrip door Engeland, Schotland, Noord-Ierland, Ierland en Wales afgelopen zomer.

In het boek beschrijft Bradley de periode tussen 1975 en 1983, vanaf de oprichting van de Undertones tot het uiteenvallen. Leidraad bij The Undertones waren die zojuist genoemde ‘punkrock ethics’. Alleen al daarom is het een herkenbaar en fascinerend boek. Maar het boek is meer: Bradley schrijft onderhoudend, met gevoel voor humor, zelfspot en de nodige zelfrelativering. Zo schetst hij een mooi beeld van een groepje vrienden dat wel in een band wilde spelen en muzikant zijn, maar dan zonder het hele circus dat daarbij hoorde.