
Zo voelt het momenteel elke dag, kijken naar het nieuws in de wereld. Naar de ene en de andere brandhaard die keer op keer doelbewust nog wat verder worden opgestookt.

Zo voelt het momenteel elke dag, kijken naar het nieuws in de wereld. Naar de ene en de andere brandhaard die keer op keer doelbewust nog wat verder worden opgestookt.


LL Cool J is Hard as Hell. De eerste regel van de single Rock The Bells van deze Amerikaanse rapper hakken er 41 jaar na het verschijnen nog steeds even hard in als destijds. LL wordt vandaag, 14 januari, 58 jaar oud.
Ook op 14 januari, maar dan in 1977, verscheen de elpee Low van David Bowie. Samen met Heroes zijn dat mijn twee favoriete albums van deze in 2016 overleden muzikant. Met op Low de twee instrumentals als hoogtepunten.
Wat te doen met de kunst van artiesten die gecancelled zijn omdat ze de wet grof overtreden hebben?
Het was, is en blijft een lastige vraag. Ook in de popmuziek. Ik weet het niet. Dit nummer vind ik echt geweldig: een hoogtepunt in de glamrock, in de periode dat ik muziek aan het ontdekken was.
Maar ik kan er niet naar luisteren zonder een bittere nasmaak te proeven. De Undertones speelden dit nummer in 1979 tijdens een (John) Peel Sessie. Live heb ik het hen ook wel een paar keer horen spelen. Maar dat is, inderdaad, al wel heel lang geleden.
De man waar we het over hebben trouwens, die nam op 14 januari 1973 zijn artiestennaam aan.

#zonderwoorden


13 januari is de geboortedag van zanger Suggs – Graham McPherson – van de Engelse skagroep Madness. Suggs werd geboren in 1961 en al een aardig eind op weg naar zijn pensioen, dus.
De band heeft inmiddels een enorme rij fraaie hits achter de naam staan, te veel om op te noemen.
Madness, opgericht in 1979, ontleende zijn naam aan een nummer van de Jamaicaanse ska-veteraan Prince Buster. Hij scoorde op zijn beurt in 1972 een hitje in Nederland met het excentrieke nummer Dance, Cleopatra, Dance.
In 2010 overleed op 13 januari soulzanger Teddy Pendergrass, verantwoordelijk voor de leadzang in de bekendste hits van Harold Melvin & Blue Notes.
Zijn mooiste nummer echter vind ik het in 1973 verschenen Let’s Clean Up The Ghetto, samen met een handvol andere soulartiesten uit Philadelphia. Met een werkelijk onweerstaanbare hook die volop gesampled is.
Een mooie cover van dit nummer trouwens komt uit een ander ghetto, dat in Kingston op Jamaica. Die staat op naam van nog zo’n veteraan, Johnny Clarke.

Gelukkig, geruststellende woorden van onze NAVO-chef.

Fantastisch. Voor Scrabble. Of om er zo maar in een gesprekje tussen te gooien: ‘laatst met die sneeuw zat ik in een pekeltram’, bijvoorbeeld.


In 1974 staat dit nummer van de Amerikaanse zanger/gitarist Steve Miller op nummer één in Engeland. Ook dit nummer heeft de tand des tijds prima weerstaan.
Al waren er jaren dat ik het niet te pruimen vond, maar dat had vooral met het imago (van Steve Miller) te maken. In de (post-)punktijd, was dit soort werk immers not done.
Als er een lijstje gemaakt zou moeten worden met standaardklassiekers in de popmuziek, dan zouden daar zeker een handvol nummers van de Ronettes tussen moeten staan. Onder andere dit briljante, eveneens door Phil Spector geproduceerde nummer.
Leadzangeres Ronnie Spector overleed op 12 januari 2022 op 78-jarige leeftijd.
De tweede track op de vierde, bij vlagen eveneens briljante elpee van The Clash, Hitsville UK – met zang van Ellen Folley, destijds de partner van gitarist Mick Jones.
Het nummer is met een knipoog vernoemd naar het huis in Detroit waarin Motown-baas Berry Gordy op 12 januari 1959 zijn tot Hitsville USA gedoopte studio vestigde.
De plek waar al die Motownklassiekers vandaan komen, dus.
Lyrische recensie vandaag in de Volkskrant van de foto’s van de Fransman Robert Doisneau. Die zijn momenteel te zien in museum La Boverie in Luik.
Terecht, al die loftuitingen.
Wij waren er een paar weken geleden, en zwaar onder de indruk. Vooral van zijn foto’s van Parijs en de (jonge) Parijzenaren net na de Tweede Wereldoorlog. Maar nog meer van de bijna liefdevol manier waarop hij mensen portretteert.
Hier de link naar het verhaal in de Volkskrant.

Wat een indrukwekkend betoog in Trouw van Hans Goslinga. Hij legt precies de vinger op de zere plek.



11 januari is de verjaardag van Vicki Peterson, de in 1958 geboren gitarist van de Bangles. Hier met een geweldige uitvoering van een nummer van Simon & Garfunkel, in een clip vol met typisch jaren-tachtigkapsels.
Van de jaren tachtig naar 1969: met het even geweldige Somebody To Love van Jefferson Airplane en de zangeres met de stem als een orkaan: Grace Slick. Drummer Spencer Dryden van deze band overleed op deze dag in 2005, 66 jaar oud.

Mooie quote in een necrologie van Giovanni van Eijl, de oprichter van Amrâth Hôtels, in de Volkskrant: de laatste trein komt altijd te vroeg.


Op de eerste plaats van de Engelse hitlijst staat op 10 januari 1958 de Amerikaanse zanger-pianist Jerry Lee Lewis. En wel met het nummer Great Balls Of Fire.
Verre van onomstreden, die Jerry Lee. Maar dit nummer staat als een huis. Al 68 jaar lang.

Even hardop dromen. Over een mooi maar onbereikbaar dorp ergens in De Peel. Waar op een dag een trein stopt omdat er een station is gebouwd en spoorrails zijn aangelegd. Lees hier de online-versie.


Op 9 januari 1959 werd in de Verenigde Staten de eerste aflevering uitgezonden van de tv-serie Rawhide met in de hoofdrol onder anderen Clint Eastwood.
Het themanummer van de serie is vaak gecoverd, onder meer ijzersterk door de Blues Brothers en de Dead Kennedys.
Mijn voorkeur gaat uit niettemin uit naar deze compleet idiote versie, al was het alleen maar vanwege het zwaar-Schotse accent van deze Chaps.
Ook op 9 januari, maar dan in 1986, verscheen West End Girls van de Pet Shop Boys – een nieuwe, nu wel succesvolle versie van een twee jaar eerder door de Amerikaanse disco-artiest Bobby Orlando gemixt nummer.
Op hun beurt brachten de Sleaford Mods twee jaar geleden daar weer een prima, licht sarcastische versie van uit. Sleaford Mods? Daar krijgen we hier nooit genoeg van.
In een volgend leven wil ik sambaballenspeler worden. En net zo elegant spelen als de maracamuzikant in dit filmpje.


David McWilliams scoorde er zelf een grote hit mee, in 1967. Zelf heb ik heb de uitvoering van Marc Almond (uit 1991) altijd veel mooier gevonden.
Almond heeft sowieso een goede neus voor covers, kijk bijvoorbeeld maar naar Tainted Love van Gloria Jones en Something’s Gotten Hold Of My Heart van Gene Pitney.
De Ier McWilliams overleed op 8 januari 20o2, 56 jaar oud, aan een hartaanval.
Ook op 8 januari overleden, maar dan in 2016, is de Amerikaanse soulzanger Otis Clay.
Niet zo’n beroemdheid als die andere Otis-die-ook-dood-is (grapje in Muziekkrant Oor in de jaren zeventig). Maar ook een goede zanger, zoals dit nummer bewijst.

Humor van Gummbah, in de Volkskrant.


7 januari
Op 7 januari stond de elpee Back To Black van zangeres Amy Winehouse op nummer 1 in Engeland. We weten allemaal hoe het met haar is afgelopen. Triest.
Dit nummer, tijdens haar gastoptreden bij The Specials op een festival in 2009, heeft voor mij dan ook een hele wrange bijsmaak.
Het orgineel is trouwens afkomstig uit – where else – Jamaica. Het werd gezongen door Andy & Joey en opgenomen in – where else – Studio One.
7 januari 2018 is de sterfdag van de Franse zangeres France Gall (foto linksboven), vooral bekend van het razendvrolijke en even snelle Poupée de Cire, Poupée de Son uit 1965. Prachtig.
Een beetje humor in deze barre omstandigheden kan geen kwaad. Leuk om te zien hoe twee kunstvormen zo samengesmolten worden tot een aardige grap.
Maar alleen leuk als je het werk van Gustav Klimt kent. Of dat van Clint Eastwood natuurlijk.


Vijftig minuten muziek, een selectie uit mijn digitale verzameling. Muziek terwijl u werkt.
De tracklist:

Thuis tikken, de deur niet uitgaan en kijken hoe de sneeuw hier buiten voorbij komt gedwarrreld. Lijkt inderdaad wel een mini-corona-lockdown, zoals collega Niels Guns vanochtend al schreef.

De Italiaanse zanger Paolo Conte werd geboren op 6 januari 1937. Op een of andere manier heb me altijd voorgesteld dat de hoofdpersoon in de Venetiaanse detective-serie Brunetti van Donna Leon er uitziet zoals deze man.
Geen idee waarom. Misschien omdat de overpeinzingen van Brunetto vaak net zo vaak melancholiek zijn als de liedjes van Conte? Dit nummer doet me trouwens aan de Nits denken. Ook raar.
Zes januari, maar dan in 2009, is ook de dag dat ontdekt werd dat gitarist Ron Asheton van de Stooges was overleden. Aan een hartaanval, zestig jaar oud. De Stooges zijn vooral bekend door zanger Iggy Pop. Zelf vond ik vooral het ruige gitaargeluid van Asheton het sterke punt van deze band.
Al deden de Sex Pistols daar nog een schepje bovenop, een paar jaar later.
Wat een band, wat een locatie: The Specials in Coventry.
En de tekst van dit nummer is nog even actueel als in 1980, toen het op hun tweede elpee More Specials verscheen.



De muziek van de Eurythmics heb ik sinds – pak ’em beet – 1988 niet of nauwelijks meer gedraaid. Een hele lange periode dus. Best aardig om er weer eens naar te luisteren, veel leuke hits gemaakt deze band.
Hun tweede elpee – Sweet Dreams Are Made of This – verscheen op deze dag in 1983. Ik kies echter dit nummer, van een paar jaar later. En instrumentaal. Sorry, Annie.
The Sun Studios in Memphis, Tennessee zijn het geesteskind van producer Sam Philips, geboren op 5 januari 1923 (en overleden in 2003).
Veel tegenwoordig als legendarisch beschouwde muziek is daar gemaakt. En niet alleen door bekende rock ‘n’ rollers als Elvis. Ook door een cultheld als Charlie Feathers.
Ergens bovenaan mijn favorietenlijstje staat al sinds jaar en dag de groep Blondie en zangeres Debbie Harry. Hun Denis is een geweldig nummer, maar een wel een cover. Van de Amerikaanse studiogroep Randy & Rainbows.
Bij de Top 2000 a Go Go was een paar jaar geleden een prachtige mini-reportage te zien over deze laatste band. Oh ja: Blondie-gitarist Chris Stein werd op deze dag in 1950 geboren.

Fokke en Sukke in NRC zijn in vorm. Met dank aan The Donald.

Nog zo’n prachtig boek, om uren in te bladeren en te lezen en vervolgens Spotify mee te plunderen: Stoffer’s Jukebox. Het staat vol met boeiende lijstjes, aan de hand van tal van interessante thema’s.
Uit zijn eerste lijstje – Lover’s Prayer – plukte ik dit nummer van een oude favoriet.

Altijd een zwak gehouden voor Thin Lizzy sinds ik ze in 1978 zag optreden tijdens Pinkpop, samen met onder meer Graham Parker, Jonathan Richman en Link Wray.
Zanger/bassist Phil Lynott van Thin Lizzy hield er een ruige levensstijl op na. Zo ruig dat hij op 4 januari 1986 – op 36-jarige leeftijd – overleed aan een hartstilstand.
Het nummer Killing Me Softly van Roberta Flack werd uitgebracht op deze dag in 1973. Mij doet dat nummer niets. Navrant vind ik het nog steeds dat het origineel juist géén hit werd.
Ook het nummer Stuck in The Middle With You van Stealers Wheel sprak me nooit echt aan. Totdat Michael Madsen in de film Reservoir Dogs er mee aan de haal ging.
Wel leuk is de cover van dit door Gerry Rafferty geschreven nummer door deze psychobillies: de Frantic Flintstones. Rafferty overleed op 4 januari 2011.

Het sneeuwt momenteel en het is koud. Inderdaad. Maar in 1963, toen was het pas koud. Zo koud dat de Noordzee bij Scheveningen ter hoogte van de Pier was bevroren, zoals blijkt op deze foto uit het Nationaal Archief.