Op 27 januari 1956 wordt de single ‘Heartbreak Hotel’ van Elvis Presley uitgebracht. Ook al heb ik zelf niets met Elvis, ik snap de opwinding rond hem wel – een beetje, tenminste. En waarschijnlijk moet je die vooral ook in het tijdskader zien.
Mijn voorkeur gaat echter uit naar de versie van Buddy Love van dit nummer. Een keer of drie zo snel en daarom ook lekker een stuk ruiger. En het is ook niet voor niets deze versie die de Cramps later gecoverd hebben.
Zeer lezenswaardige column vandaag in de Volkskrant van Marcia Luyten. Waarin ze stap voor stap uitlegt hoe The Donald op weg is naar het uitroepen van de noodtoestand, en waarom hem dat zo goed uitkomt.
‘Wonderful Life’ is zonder twijfel het bekendste nummer van de Engelse zanger Black. Maar hij heeft nog een paar fraaie nummers gemaakt, waaronder dit ‘Everything’s Coming Up Roses’.
Het is een heel typerend nummer voor de popmuziek uit deze periode van de jaren tachtig: melodieus, goed verzorgd en een vol geluid. Maar met in de verte toch vaak nog ergens een rafelrandje.
Colin Vearncombe – zoals Black in het echt heette – overleed op 26 januari 2015 aan de gevolgen van een auto-ongeluk.
Samen met Sweet, Slade en de Osmonds hoorde ook de groep Mud begin jaren zeventig bij mijn favorieten. Nog steeds trouwens, tenminste: de successingles van deze glitterbands.
Ook van ‘Tiger Feet’ – nummer 1 op 26 januari 1974 – kan ik bij vlagen geen genoeg krijgen.
Zelden zo’n indrukwekkende ritmesectie gezien als Sly & Robbie. Triest nieuws, na het overlijden van Robbie Shakespeare in 2021 is nu ook Sly Dunbar overleden. 73 jaar oud slechts.
Deze opname – The Whole World Is Africa met Black Uhuru tijdens een Rockpalast-concert – dateert uit 1981 en laat Sly & Robbie in bloedvorm zien. Wat een ritme, wat een drive, wat een precisie.
En ook heel mooi: het plezier dat de drie zangers van Black Uhuru op het podium laten zien, ondanks hun toch serieuze boodschap.
Het is een gewaagde vergelijking, zonder meer. Maar wel een hele leuke. Ik moest tenminste onbedaarlijk lachen om de eerste alinea van deze column van Marcel van Roosmalen in NRC van vanochtend.
Al moet ik daarbij wel aantekenen dat ik overtuigd tegenstander ben van de monarchie.
Mooi pleidooi in NRC van zaterdag over het belang van culturele vrijheid in een democratie. Wellicht wat hoog gegrepen. Maar desondanks is het niet minder van belang om de alarmbellen af te laten gaan, nu die vrijheid van alle kanten steeds verder onder druk komt te staan.
De Jamaicaanse dj Dillinger scoorde in 1976 een dikke hit met ‘Cocaine In My Brain’. Prima nummer, daar niet van. Maar zijn mooiste werk maakte hij voor Studio One. Zoals dit nummer, te vinden op een prima verzamel-cd.
Dillinger werd geboren als Lester Bullock op 25 januari 1953 en verdween na zijn hit enigszins in de obscuriteit. Er is trouwens een uitermate grappige parodie op zijn ‘Cocaine In My Brain’.
Die is van Dingetje. Het is een niemandalletje maar niettemin wel een leuk nummer: De gracht, de stank, de nacht en de drank, dat is Amsterdam!
Dit nummer staat heel hoog in mijn lijstje van alltime favourites. Simpelweg omdat het alle elementen bevat die een popliedje compleet maken.
Een lekker in het gehoord liggende melodie, een pakkende hook, een goeie break, een mooi achtergrondkoortje, een makkelijk meezingbare tekst die bovendien ook eens ergens over gaat. En dat allemaal binnen de grens van 2,18 minuten.
Geschreven door Sonny Curtis in 1959. Een hit voor de Bobby Fuller Four in 1966. En op 24 januari 1979 uitgebracht als single door de Clash.
De Dead Kennedys deden dit nummer ook, trouwens. Maar die veranderden een detail in de titel: I Fought The Law (I Won).
De Bobby Fuller Four maakte nog meer leuke muziek. Dit instrumentale surfnummer is bijvoorbeeld ook héél aardig.
Battersea Power Station in London werd bekend door de hoes van elpee Animals van Pink Floyd. Het complex is niet meer in gebruik als elektriciteitscentrale, en inmiddels voor vele honderden miljoenen (indrukwekkend) verbouwd tot woon-, winkel- en horecacomplex.
Pink Floyd
Op 23 januari 1977 werd die Pink Floyd-elpee ten doop gehouden. Ik was inmiddels al lang en breed afgehaakt omdat de muziek van deze band ook vooral lang en breed was geworden.
Mijn favoriete nummers van Pink Floyd: de twee hieronder, de eerste twee singles.
Naast London Calling van The Clash is dit nummer van The Jam voor mij de ultieme verbeelding van de Engelse hoofdstad London. De plek die na mijn/ons eerste bezoek in oktober 1979 is blijven trekken.
The Clash heb ik nooit live gezien, The Jam wel: eind 1980 in ‘t Karregat in Eindhoven. Onvergetelijk.
Op 22 januari 1983 staat The Jam met negen singles tegelijk in de Engelse Top 50. Dat was kort nadat de band bekend had gemaakt er mee te stoppen.
Uit de derde playlist in Stoffer’s Jukebox – This Magic Moment – kies ik een van mijn favoriete vrouwenbands uit de jaren zestig. Geen Phil Spector deze keer maar Hitsville USA, Motown.
Dit nummer is halverwege de jaren tachtig gecovered door Bananarama, maar die versie haalt het niet bij het orgineel uit 1962. Met als toegift de instrumentale versie van Earl Van Dyke.
Met de Rolling Stones heeft dit nummer niks te maken, integendeel: het zo zo maar uit de keuken van Jona Lewie kunnen komen. Blijft leuk, ook na al die jaren. Bill Wyman maakte zijn podiumdebuut op 21 januari 1961.
Op 21 januari 2002 overleed zangeres Peggy Lee, vooral bekend van haar fraaie uitvoering van Fever. Dit tamelijk cynische nummer mag er ook zijn, in deze tijden van dystopie en dansen op de vulkaan. Lee werd 81 jaar oud.
Hier schrok ik vanochtend toch wel even van. De zanger van de Nederlandse punkband Panic, Peter ten Seldam, is onlangs overleden.
Pas nadat ik deze mooie necrologie uit had, drong het tot me door dat hij toch al 82 jaar oud was. En dat terwijl het voor mijn gevoel nog maar pas een paar jaar geleden is dat het 1977 was en hij met de band Panic furore maakt. De verhalen daarover in Muziekkrant Oor heb ik verslonden.
Hier de link naar een verhaal van Alfred Bos met de band, naar aanleiding van een in 2020 verschenen documentaire. En hieronder de Andere Tijden-aflevering over nederpunk waarin Ten Seldam uitgebreid aan het woord komt.
Ben het helemaal eens met dit betoog in het FD van Mathijs Bouman. Maar het is nogal wat, stoppen met gebruik maken van al die Amerikaanse bedrijven. Facebook, (voorheen) Twitter, WordPress, Netflix en ga zo maar door.
Zeker als je er dagelijks zowel voor het werk als voor hobby zo enorm veel gebruik van maakt, al vele jaren lang.
Het is niettemin de mooite van het overwegen zeer zeker waard. Net als een boycot van het komende WK Voetbal in Amerika.
Producer Joe Gibbs was in de jaren zeventig een van de gezichtsbepalende mensen in de reggae op Jamaica. Hij zorgde voor een mooi, rijk geluid met veel bas en veel echo.
Een van de (vele) dj’s waarmee hij succes boekte, was Trinity – vernoemd naar een belangrijke inspiratiebron in de reggae: de hoofdpersonen in Amerikaanse films, met name de westerns en knokfilms.
Dit nummer is – uiteraard – een ode aan de tv-detectives Starksy & Hutch. Die laatste werd gespeeld door David Soul, en die stond op 20 januari 1977 boven aan de hitlijsten met een (tenenkrommende, hemeltergende) ballad: Don’t Give Up On Us.
Trinity, de artiestennaam van Wade Brammer, scoorde in 1977 nog een mooie hit met Three Piece Suit. Dat nummer leidde weer tot de bekende hit van Althea & Donna, Uptown Top Ranking.
Op 19 januari in 1998 overlijdt Carl Perkins, 65 jaar oud pas. Hij begon zijn carrière bij Sun Records van Sam Phillips in Memphis en was een van de grondleggers van de rockabilly.
Dit opzwepende nummer is een van zijn beste. Twee minuten en vijftig seconden lang, meer hoeft dat ook niet te zijn.
Een paar jaar later op 19 januari, maar dan in 2008, komt ook soulzanger Wilson Pickett te overlijden. Hij wordt net 64 jaar oud. Ook veel te jong dus.
Wilson had een prachtige soulstem en maakte eind jaren zestig carrière met een aantal heerlijke soulstompers. Zoals deze.
Best veel naar geluisterd, naar de debuutelpee van deze twee Fransmannen. Maar na het jaar van verschijnen – 1998 – verdween deze band steeds verder uit (mijn) beeld.
Nu ik dit nummer weer eens terugluister denk ik: mwah. Op deze 19e januari in 1998 verscheen de debuutelpee ‘Moon Safari; met dit nu toch wel erg melige ‘Kelly’.
Op 18 januari 1980 werden de oprichters van de New Yorkse discotheek Studio 54 veroordeeld vanwege belastingontduiking.
Een paar jaar later pikte ik in de bakken met tweedehands elpee’s een exemplaar op met in die discotheek populaire remixen van disconummers. Een aantal van die nummers waren onderhanden genomen of geproduceerd door Bobby O.
Helemaal geweldig, vond ik destijds – en nu ook nog. Rond die tijd kwam ook de 12″ ‘Blue Monday’ van New Order uit. Verrassend hoe de stijl en het geluid van die twee nummers overeenkomen.
Apropos: Bobby Orlando zijn we hier trouwens al eens tegen gekomen.
Helemaal iets anders, maar niet minder fascinerend is dit nummer, van de Canadese zangeressen Kate & Ann McGarrigle. Niet hip & trendy en een beetje oubollig, inderdaad. Het werd na het verschijnen, in 1975, zo veel gedraaid op de radio dat het nummer werkelijk in mijn geheugen gebeiteld zit.
18 januari 2010 trouwens is de sterfdag van Kate McGarrigle.
Wie zich afvraagt waar rapper Def P is gebleven, na het uiteenvallen van de Osdorp Posse, raad ik deze documentaire aan, toevallig gevonden op You Tube.
Daarin vertelt waar hij tegenwoordig mee bezig is. Leuk interview, lekker down to earth. En wat leuke flarden uit de Osdorp Posse-tijd.
Whitney Houston scoorde een dijk van een hit met het door Dolly Parton geschreven ‘I Wil Always Love You’. Op 17 januari 1993 stond ze er in Engeland mee op nummer 1.
Persoonlijk heb ik niets met de muziek van Whitney, en weinig met die van Dolly. Wel leuk vind ik het dat als je de single ‘Jolene’ niet op 45 toeren draait maar op 33 toeren, het opeens een gloedvolle soulballad lijkt te zijn.
Dolly Parton – Jolene
Ook het Amerikaanse duo Hall & Oates is een regelrechte hitmachine – al kregen ze later de hoogste ruzie over de verdeling van de revenuen. ‘Maneater’ is op 17 januari 1982 hun vijfde Amerikaanse nummer 1.
Prima song, daar niet van. Zelf vind ik een ander nummer – toevallig van dezelfde elpee – het beste van dit duo. Zie hieronder.
En dat is niet alleen vanwege het aansprekende intro. Dat komt ook omdat De La Soul er een fraaie sample uitgehaald en daarmee én met dat intro een mooie nieuwe song heeft gebouwd.
17 januari 1944 is de geboortedag van de Franse zangeres Francoise Hardy het prototype van wat in de muziekjournalistiek – weinig woke – de Zuchtmeisjes wordt genoemd. Ze overleed in juni 2024. Weinig hip, dit nummer. Wel heel fraai.
Er was in onze muziek niks van te horen hoor, daar niet van. Maar toen ik in 1981 in een bandje zat, luisterden we – behalve naar punk, new wave, ska en reggae – ook naar soul uit de jaren zestig.
De serie That’s Soul, bijvoorbeeld. En een verzamelaar met de ‘Twenty Greatest Hits’ van de Supremes. Nog steeds heerlijk om naar te luisteren. Dit is een relatief wat minder bekend nummer uit 1967. Alleen al van het intro krijg ik kippenvel.
Op 15 januari 1961 tekenden de drie dames van de Supremes een contract met Motown.
DJ en producer Skrillex wordt op 15 januari in 1988 als Sonny Moore geboren. Skrillex was een paar jaar geleden het gezicht van een opwindende maar korte rage: dubstep. Leuk voor even, inmiddels toch wel wat achterhaald. Al blijft zijn productiewerk voor tal van reggaemannen wel aardig.
NOTA BENE: 15 januari van gisteren bleek 16 januari te zijn, en 16 januari vandaag is daarom 15 januari. Kwestie van de verkeerde bladzijde opslaan. Snapt u het nog? Ik niet helemaal, maar ik doe mijn best.
Het is een onderwerp dat regelmatig terugkeert in het nieuws, de files bij de Beekse Brug in Beek en Donk. Of beter gezegd: het uitblijven van maatregelen om die files te beteugelen.
Nu is er een keer goed nieuws te melden: het plan om door de aanleg van een rotonde daar wat aan te doen. Lees hier de online versie van dit verhaal.