Iedereen een hele fijne avond gewenst en alvast de beste wensen voor het nieuwe jaar!
Geplaatst met WordPress voor Android
De afgelopen dagen druk bezig geweest met wat voorbereidingen voor de Pubquiz waarmee Lokaal 42 eind januari van start gaat.
Vraag42 is de naam van deze pubquiz, die wordt georganiseerd en samengesteld door de makers van de halfjaarlijkse popquiz van Lokaal42: Marc Roosen, Geert Leenders en ondergetekende. Presentatie van Vraag42 is in handen van John van der Sanden, die vanwege omstandigheden tijdelijk de plaats inneemt van vast presentator Luc de Graaf.
De gratis pubquiz bestaat uit vier voorrondes, telkens op de derde donderdag van de maand. En de winnaars van die voorronden gaan eind mei met elkaar de strijd aan in een ongetwijfeld zinderende finale.
Deze foto maakte ik op de kop af 3 jaar en 10 maanden geleden, in wijkhuis De Fonkel, aan de vooravond van de toenmalige gemeenteraadsverkiezingen. Ik was toen beroepshalve bij een debat – in twee delen – tussen de lijsttrekkers van de partijen die destijds in Helmond aan de verkiezingen meededen.
Bijna vier jaar later is er veel veranderd. Er zijn een paar reputaties gesneuveld, een paar politici zijn door de mand gevalllen, andere hebben (al dan niet onverwacht) hun kwaliteiten laten zien, sommige politici zijn afgehaakt, van anderen is de partij gestopt.
Tegelijkertijd is er nauwelijks iets veranderd. De problemen waarvoor de politici zich gesteld zien, zijn vier jaar later vrijwel onveranderd, in sommige gevallen zelfs alleen maar groter geworden. Er is nauwelijks sprake van nieuwe gezichten. En de beloftes en voornemens zullen straks, aan de vooravond van de verkiezingen in maart 2014, ongetwijfeld weer hetzelfde zijn als vier jaar geleden.
Maar misschien vergis ik me deze keer, en dat hoop ik echt.
Al een paar maanden verkeer regelmatig een uurtje of wat in Venetiaanse sferen. Dat komt omdat ik de detectives van Donna Leon aan het (her-)lezen ben. Het is een fikse ‘stapel’ – iets meer dan 20 e-books. Vandaar dat ik er zo lang mee bezig ben, met die kanttekening dat ik nota bene pas net over de helft ben.
Erg vind ik dat niet. Want behalve dat Donna Leon – Amerikaanse, maar wonend in Venetië – heel aardige plots weet te bedenken en ook aan mooie karaktertekeningen doet, weet ze de sfeer van deze stad vanuit het standpunt van de inwoners ook prachtig onder woorden te brengen.
Onlangs las ik in de krant dat de plannen om Schotland weer te promoveren tot een zelfstandig land met een eigen staatshoofd steeds vastere vormen aan beginnen te nemen. Over een paar jaar al moet het zo ver zijn – mits de Schotten daar mee instemmen.
Gezien de Schotse trots en eigenheid zal dat wel het geval zijn. Mij verbaast het toch wel een beetje. Want als buitenstaander valt het me eigenlijk nauwelijks op dat je ergens net na de Muur van Hadrianus Schotland inrijdt. Het landschap is hetzelfde, de bebouwing hetzelfde.
Alleen de mensen praten er anders – bijna onverstaanbaar. Maar ja, dat geeft precies aan waar het om gaat. Schotland is kennelijk geen Engeland.

Het 200-jarig bestaan van het koninkrijk der Nederlanden krijgt dezer dagen nogal wat aandacht in de media, evenals de drie biografiëen van de drie Nederlandse koningen. Vandaag in de Volkskrant bijvoorbeeld.
Gelukkig heeft een van de drie biografen, Jeroen van Zanten, tussen alle drukte door nog tijd gehad om als haar begeleider aan de UvA de masterscriptie van Simone – over de negentiende eeuwse socialist Louis Hermans – met een hele mooie acht te belonen.
Een pyramide in Parijs – ik vond het altijd maar een raar idee. Tot we aan de voet van die pyramide stonden, bij de ingang van het Louvre – zie ook de foto hieronder.
Het gaat immers om een geweldig bouwwerk van glas en staal, dat erg mooi detoneert bij de statige achttiende eeuwse gebouwen waarin het Louvre is ondergebracht. Een van de foto’s die ik daar maakte, wil ik daarom hier graag nog eens van stal halen.
“Geef mij maar rust en ruimte, natuur. Ik houd niet zo van de stad, van de drukte”, zei een collega deze week tegen me. We hadden het hadden over de levendigheid van het centrum van Eindhoven, in vergelijking met de schijnbaar onverstoorbare stilte van een bedrijventerrein aan de rand van Best.
Ik houd wel van steden – maar dan van grote, in een wat verder gelegen buitenland het liefst: van de drukte, de dynamiek, de anonimiteit waar je je in onder kunt dompelen. Ik houd van de terrasjes, de restaurants, de etalages, de oude gebouwen, de parken, de musea.
Een wereld van verschil met een bedrijvenpark bij Best. Met het centrum van Eindhoven ook, trouwens.

‘Jij weet alles van ons redactiecomputersysteem’ vroeg een collega vanochtend hoopvol aan me toen bleek dat ze in dat systeem – Hermes genaamd – haar cursor plotseling kwijt was.
Ze vroeg dat aan me omdat ze nog wist dat ik een paar jaar geleden met een clubje andere collega’s er had meegewerkt aan het dusdanig aanpassen van dat systeem dat het ook bij onze krant kon worden ingevoerd.
Het antwoord op de vraag hoe ze de cursor kon terug krijgen, moest ik haar schuldig blijven. (Het bleek, achteraf, om een bug te gaan in een Adobe-programma.) Toch zat het me niet lekker: vanavond heb ik daarom maar even uitgezocht hoe lang het ook alweer geleden was dat we (in Tilburg) aan dat Hermes hebben zutten sleutelen. Negeneneenhalf jaar geleden, maar liefst.
Geen wonder toch dat ik het antwoord op de vraag niet wist?
Deze periode van het jaar leent zich bij uitstek voor het maken van plannen voor het volgend jaar, daar toe al dan niet aangezet doordat we op het werk al tijdig onze vakantieplanning op elkaar moeten afstemmen.
De lijst van plekken die we een keer willen bezoeken, is nog steeds flink. Maar ja, dat krijg je als je regelmatig terug gaat naar plekken waar we het naar onze zin hebben gehad.
Zoals naar de Plaza Mayor in het Spaanse Salamanca, waar we afgelopen zomer voor de derde keer waren. Grote kans echter dat we volgend jaar zomer op de Plaza Mayor van een andere Spaanse stad zitten.

Toen ik gisteren een foto zocht van Lou Reed tijdens ons bezoek aan New York, bleef ik uiteraard even hangen bij alle andere foto’s die ik daar maakte. Ik realiseerde me weer eens hoeveel indruk dat bezoek gemaakt heeft. Niet voor niets dat we al plannen aan het maken zijn om weer een keer terug te gaan.
Vanavond naar de popquiz in Lokaal42. Is al de derde editie. De eerste twee waren druk, gezellig en geslaagd. Ik reken er op dat dit vanavond weer het geval is.
Een van de vragen vanavond gaat over de onlangs overleden zanger/gitarist Lou Reed, hier op een foto die is genomen in Madame Tussaud in de stad van Lou, New York.
Hoe ik dat weet? Omdat ik samen met medejurylid Geert Leenders de vragen gemaakt heb die presentator Luc de Graaf straks gaat stellen.

Het was vorig jaar een doorslaand succes bij Lokaal42, de Bluesroute in Helmond, met geweldige muziek van Ernest van Aaken, de Urban Voodoo Machine en de Boogie Beasts. Twee dagen later zat er nog een piep in mijn oren.
Dit jaar staan Kaz Lux & John Schuurman, de Barnyard Stompers en de Dead Revils op het podium in Lokaal, en draai ik opnieuw vooraf, tussen de optredens door en na afloop plaatjes – van garageblues tot bluespunk, van rhythm ‘n’ blues tot rockabillyblues.
En als het aan mij ligt, worden het weer piepende oren, maandagochtend.
Eigenlijk drong vandaag pas goed tot me door dat 2013 al weer een heel eind op streek is: het zachte weer van de afgelopen dagen zorgde er voor dat ik nog lang in de nazomerstand heb gestaan: af en toe lekker een eind wandelen, wat in de tuin zitten als dat kan, op de fiets boodschappen doen.
Maar met het overschakelen van zomer- naar wintertijd en dankzij de eerste najaarsstorm van maandag heeft dat aangename gevoel plaatsgemaakt voor het ietwat sombere besef dat de lange periode van vroeg donkere avonden, kille en verregende zondagen en kale bomen en planten weer in volle hevigheid is aangebroken.
Ook niks mis mee hoor, begrijp me goed. Maar af en toe wat zo maar wat mijmeren kan ook geen kwaad.

O ja, voor iedereen die zich afvraagt wat wij eigenlijk aan het doen als we zeggen ‘we gaan een paar dagen wandelen in Frankrijk’: hier staat het een en ander op een rijtje.
Vanochtend zette ik een berichtje op Facebook over een artikel dat morgen in de krant staat. Dat artikel gaat over mannen van middelbare leeftijd die een (welvaarts-)buikje hebben. Het gaat het hierbij kennelijk om een teer punt, want gezien het aantal reacties op dat bericht raakte ik met mijn post een gevoelige snaar.
Of er in het artikel over bierbuikjes ook manieren beschreven staan om van zo’n abdominale obesitas oftewel embonpoint oftewel geprononceerd abdomen af te geraken, vroeg een van mijn FB-vrienden. Jazeker, antwoordde ik hem vanochtend: per dag twaalf minuten bewegen.
Daar moet ik eerlijkheidshalve aan toevoegen: met gewichten en halters. Heen en weer lopen naar de AH om de hoek, om nieuwe Leffe Blond, Grimbergen Dubbel of Westmalle Tripel te helpen, dat helpt echt niet….
Dat de supermarkten sinds een tijdje op zondag open zijn, vind ik alleen maar gemakkelijk. Dat de regels daarvoor onlangs zelfs helemaal zijn vrijgegeven, vind ik ook prima: lang leve de 24-uurseconomie.
Dat veel winkels in stadscentra ook voortaan op zondag open zijn, daar heb ik geen moeite mee. Alleen vraag me ik af wie er op een wekelijkse koopzondag zit te wachten. Op zondag wil je toch ook wel eens wat anders doen dan winkelen. Toch?
Klussen bijvoorbeeld, en dan het liefst met vers aangeschaft materiaal van de Praxis. En dat kan. Want die is hier in de stad voortaan ook elke zondag open, van twaalf tot vijf.
Thuis heeft iedereen tegenwoordig kennelijk een tweede scherm: een tablet of iPad voor op de bank om via Facebook en Twitter commentaar te geven op de bagger die dagelijks via de tv over ons uitgestort wordt. Handig.
Op het werk hebben wij de beschikking over pc’s met twee beeldschermen. Da’s makkelijk als je zowel bezig bent met de productie van de krant als met het bijhouden van het nieuws in de wereld en ook nog wilt weten wat de topics zijn op de sociale media. Ook handig dus, die twee beeldschermen.
Maar kennelijk is twee schermen nog niet genoeg. Op sommige werkplekken staan sinds een paar dagen drie schermen. Nog niet alle drie aangesloten weliswaar, maar toch… Een derde scherm, is dat niet een beetje overdreven?
Stond ik zondagmiddag platen te draaien tijdens de Jam Plaza & Music Ride bij Lokaal42, komt er een jongetje van een jaar of acht naar me toe met de nieuwsbrief van Lokaal in zijn handen – Wazz Up? – en zegt: ‘Meneer: bent u dit?’, daarbij wijzend op mijn foto in Wazz Up?.
Altijd weer even slikken, als ze meneer tegen je zeggen. Zeker als je op dat moment met kistjes en een hoodie aan vette beats aan het draaien bent.
Blijft een mooi gebied, de Mariapeel bij Helenaveen. Heerlijk om in te wandelen, op een stille zondagochtend.
En een mooie plek om alvast even te rekken en te stekken met het oog op de BMX-jam, vanmiddag bij Lokaal42 aan de Markt. Daar ben ik ook bij, bij dit fietsspektakel, natuurlijk (achter de draaitafels).
Op de Markt in Helmond vindt voor de deur van Lokaal42 zondag de eerste Helmondse Jam Plaza & Music Ride plaats: tal van BMX-fietsers laten er vanaf twee uur hun kunsten zien, bezoekers kunnen zelf ook op eenBMX aan de slag en er treden die middag vier regionale groepen op: de Stekkers, de Hummingbirds, Edelhout en Eddy & de Ethiopians.
Ik ben er ook bij, zondag. Want ik stap om half twee op mijn eigen fiets richting Lokaal42, om tussen de optredens door de BMX’ers van achtergrondmuziek te voorzien.
Vanwege de oorsprong van deze sport zal dat in ieder geval flink wat old school hip hop worden, vermoed ik. Maar als ik naar de optredende bands kijk, denk ik dat ik op zijn tijd ook de nodige scheurende gitaren uit de speakerboxen op de Markt zal laten knallen.
Er zijn van die dagen dat je wel een kop lekker sterke koffie kunt gebruiken. Door allerhande trubbels om me heen was vandaag zo’n dag.
Daarom was ik nu extra blij met een cadeautje dat ik vorig week kreeg van mijn collega’s @FleurBesters en @MielTimmers: een waardebon van koffiespeciaalzaak Kaldi, hier bij de krant om de hoek.
Die bon leverde me vannmiddag een eerste dubbele expresso op. En daar heb ik in de stilte van het Catharinaplein eens lekker stil van zitten genieten.
Ik moest er aan denken toen ik op het werk de poster zag waarmee de presentatie wordt aangekondigd van het boek dat collega Mark van Bergen schreef over 25 jaar Dance in Nederland en vanwege de column van Lady Aïda, morgen in onze krant.
Begin jaren tachtig was dansen en dansmuziek in de alternatieve muziekscene not done. Sterker nog: dat was voor discogangers, ABBA-fans en Stayin ‘Alive-adepten. Niet voor punks en new wavers (zoals ik) die naar gruizige gitaren en vleermuizengegil luisterden.
Dat veranderde – in mijn beleving – in ’83, ’84 heel snel. Dankzij New Order, dat Blue Monday had uitgebracht, een van de eerste alternatieve dansplaten, dankzij Blondie met de raphit Rapture en de Clash met The Magnificent Seven – alle drie ijzersterke, alternatieve, goed in het gehoor liggende maar artistiek verantwoorde danshits die ook (veel) punks en new wavers aan het swingen kregen.
Mede daardoor, denk ik, ontstond de technoscene in Detroit. En door die techno, in het begin acid genoemd, kwam er een levendige alternatieve dansscene tot stand in Engeland, die in ’88 zorgde voor de beroemde Summer Of Love.
Waardoor we nu nog steeds op prachtige alternatieve dansmuziek onze danspasjes kunnen maken.